San Gerardo de Dota

In plaats van airco hebben vanavond een kacheltje nodig.

Van 32 naar 11 graden, van zee naar 3300 meter. 
We zijn zo blij dat we besloten hadden om ons niet met een bootje naar Drake te laten brengen maar zelf te rijden. Ook de rit terug van Drake naar ‘bewoonde wereld’ gaat prima en is opnieuw indrukwekkend mooi. 
En indrukwekkend mooi blijft het. Prachtige vergezichten, leuke dorpjes, er is van alles te zien onderweg.
Vaak waren we afgeladen vrachtwagens met een soort bollen tegengekomen. We vermoeden dat het geplukte dadels waren gezien de vele palmen die we zagen. 
Ineens zagen we zo’n berg langs de weg liggen, eentje opgeraapt en ja het zijn dadels. 
En even verderop zien we nog hoe ze met paard met draagmanden naar de weg vervoerd worden om opgepikt te worden door een vrachtwagen voor verder transport. 
We komen een stier tegen, midden op de weg. En een ruiter met een groepje koeien. 

We duiken vrij snel de bergen in en klimmen in no time van zee niveau tot 3300 meter hoogte.
Recht het nevelwoud in. De weg is prima te rijden en slingert zich door het landschap een weg omhoog. 
Als we onderweg even een supermarkt zoeken voor wat boodschappen zijn we bijna aangenaam verast door de prettige temperatuur van 25 graden.
We krijgen wel de nodige stortbuien op ons dak maar wie maalt daarom in dit land? 
Het blijft niet bij 25 graden. Bij iedere 100 meter die we verder stijgen zakt de temperatuur verder naar beneden om uiteindelijk te blijven steken op 11 graden C.
Wauw, dat is even een verschil. En druilerig nat ook. Mistflarden draperen zich om ons heen gedurende de rit. Zo zie je even niets en zo is het weer helder. 
Bij de lodge aangekomen weten we niet wat we meemaken. Hij heet Paraiso Quetzal Lodge.
Een paradijs is het zeker! Je hoeft alleen maar naar de foto’s te kijken en je weet genoeg.
Wat zijn wij blij met onze beslissing om hier een nacht te verblijven in plaats van San Jose!
We krijgen een ongevraagde upgrade naar een bungalow-met-balkon-en-uitzicht. 
Op ieder bed liggen 4 (!) dikke fleecedekens tegen de ‘kou’.  En er staat een kacheltje! Waar we eerst snakten om wat koelte vinden we het hier bijna kil. Het lijkt wel op een voorbereiding naar Nederland. 

Morgen doen we nog een op-zoek-naar-de-Quetzal speurtocht en wie weet gaat het ons lukken.